Uien zijn afkomstig uit Midden-Azië en behoren tot de leliefamilie. Door hun scherpe smaak worden ze vaak gebruikt als kruiden, maar ook als groente. Er bestaan zeer veel soorten uien, ze verschillen in grootte en kleur maar vooral in scherpte. Elk land waar uien verbouwd worden heeft zo wel zijn eigen specialiteit. Des te kleiner de ui, des te sterker de smaak, is een regel die dikwijls opgaat.
Zaaien
Uien kunnen uit zaad geteeld worden, maar we maken het ons gemakkelijker als we een zakje poot (plant)uitjes kopen. Ze kunnen vanaf maart geplant worden, en zullen al snel daarna hun eerste uienpijpjes de grond uit piepen. Plant niet later dan april - de bolvorming is afhankelijk van daglengte en temperatuur. We moeten er voor zorgen dat we al flinke planten hebben voordat de bolvorming begint - zo krijgen we de grootste uien. Te dicht op elkaar geplante uien worden sneller rijp en blijven dus kleiner. De juiste plantafstand is ongeveer 15 x 15 cm. Plant pootuitjes zo diep dat de hals nog net zichtbaar is. Druk de aarde goed aan. Pootuitjes kunnen een warmtebehandeling ondergaan waardoor ze minder snel gaan schieten. Ze worden dan enkele weken bij 20 graden Celsius bewaard. Ik heb het zelf een keer uitgeprobeerd met stuttgarter pootuitjes. Ik heb ze wat vroeger gekocht dan anders, en ze op een warm plekje in de huiskamer gelegd (op een hoge kast). Twee weken later heb ik pas gepoot. Uiteindelijk had ik maar één doorschieter op een totaal van 80 pootuitjes.
Een alternatief voor pootuitjes is zelf zaaien in het najaar (eind augustus) en de planten laten overwinteren om ze in de volgende zomer te kunnen oogsten. Er zijn speciale winterui-variëteiten (shakespeare) die hiervoor geschikt zijn.
Bemesting
Uien hebben het liefst een wat kleiige grond. Zand gronden zijn wat droogtegevoeliger. Uien houden niet van verse (stal) mest, of van mest of compost met grove bestanddelen. Ideaal is een goed verteerde mest die voor de winter al werd aangebracht.
Ziekten en Plagen
De maden van de uienvlieg boren gangen in de bollen. Ze worden o.a. aangetrokken door verse stalmest. De poppen overleven in de grond. Pas daarom vruchtwisseling toe en kies voor uien een plek waar de afgelopen 2-3 jaar geen uien, prei of knoflook stond. Schimmelziekten kunnen het blad aantasten onder natte omstandigheden.
Gewas verzorging
Uien zijn relatief onkruidgevoelig omdat het blad veel licht doorlaat op de bodem. Probeer daarom het uienbed van het begin af aan goed onkruidvrij te houden.
Geef ook goed water in droge tijden. Uien wortelen niet diep en kunnen daarom snel last van droogte krijgen.
Oogsten en bewaren
Uien die in augustus nog groen loof hebben, kunnen we 'knakken' (platleggen van het blad) om de rijping te bevorderen. Droog de uien goed na de oogst door ze op te trekken en beschut te leggen. Maak daarna een 'uienvlecht' en hang die op een droge plek. Zo'n vlecht beginnen we door een drietal grote uien samen te binden aan het einde van een touw (1). Daarna voegen we steeds uien toe, door het loof een slag om het touw te draaien (2). De ui gaat over het loof heen, en wordt dan wat aangedrukt. Daarna snoeien we het loof (4).