Rabarber is een groente met een unieke smaak, populair voor moes, confituur, gebak en wijn. Daarnaast wordt het gebruikt in de kruidengeneeskunde, toepassing als schuurmiddel voor potten en pannen, als insecticide of als haarkleurmiddel.

Rabarber is een meerjarige plant die verschillende jaren op dezelfde plaats in de tuin blijft staan. Het kan koude winters overleven dankzij de sterke, vlezige wortelstokken. De bovengrondse delen van de plant sterven 's winters af. In de vroege lente komt de rabarber dan weer tevoorschijn. De bloemstelen, die regelmatig opschieten, worden het beste verwijderd. Ze nemen teveel reservevoedsel van de plant. Rabarber vraagt een zonnige standplaats, ook halfschaduw kan de plant verdragen, maar de opbrengst is dan wel minder en vooral de roodkleurige soorten zullen tegenvallen.

Het is belangrijk om op de kleur van de stelen te letten. De groenstelige soorten zijn sterke groeiers, maar zijn minder uitgesproken qua smaak. De soorten met wat rodere bladstelen hebben een kleine opkomst, maar een betere smaak. Voor het invriezen van rabarber kan het beste de soorten met groene stelen gebruikt worden.

Rabarber heeft een vruchtbare grond nodig met veel organisch materiaal, die in de winter niet onder water komt te staan. Wanneer er wel sprake is van een natte bodem, is het mogelijk om de rabarber op een 20 centimeter hoge rug te planten. De ideale grond voor de rabarber heeft heen pH van 6. Rond februari, maart, wordt er voor de eerste keer bemest. Na de oogst in juli wordt er nogmaals bemest. Een goede dosis voor zowel het voorjaar als de zomer zou zijn 100 gram blauwe korrel (12-12-17) per m² per keer. Bij gebruik van gedroogde organische mest dient ongeveer 200 gram per m² per keer gebruikt te worden. Om te voorkomen dat de standplaats van de rabarberplant in de loop van de jaren arm wordt, wordt er tijdens de winter een laag goed verteerde stalmest of compost tussen de planten gelegd. Let op dat er geen stalmest of compost op de harten van de plant gelegd wordt, dit leidt tot rot.
Oorsprong
Rabarber is afkomstig uit China en dateert van het jaar 2700 voor Christus. Het werd gekweekt vanwege de medische eigenschappen. Het geslacht Rheum behoort tot de familie Polygonacaea (veelknopigen of boekweitfamilie). Pas vanaf de 18de eeuw werd begonnen met de teelt van rabarber als voedingsgewas.
Oogsten
Vanaf begin april tot begin juli kan de rabarber geoogst worden. Oogst de dikste bladstelen regelmatig, maar laat altijd minstens drie stengels staan. Om de plant niet teveel te verzwakken wordt in de eerste 2 jaar minste geoogst. Wanneer er tot in de herfst geoogst wordt, gaat dit ten kostte van de vorming van reservevoedsel in de wortelstok. Het volgend jaar is er dan een tegenvallende oogst. Ook hebben de in de zomer geoogste stelen een minder goede smaak, ze zijn taaier en bevatten meer oxaalzuur. Draai de stelen tot bij de grond af, wanneer de stelen afgesneden worden ontstaat er rot in de overgebleven stukken. Neem de bladstelen aan de onderkant vast, buig ze naar binnen en trek ze dan draaiend los. Snij direct de bladeren van de bladsteel, deze kunnen namelijk veel vocht onttrekken.
Ziektes en schimmels
Rabarber heeft veel last van meeldauw bij vochtig en koud weer. Dit is zichtbaar aan de onderzijde van het blad en hoekige vlekken aan de bovenkant van het blad. Aangetaste bladeren kunnen het beste verwijderd worden. Op natte, slecht gedraineerde gronden zullen planten afsterven door een aantasting van kroonrot. Het is een aantasting van de schimmel Phytophtora cactorum. Dit begint met kleine vlekjes aan de stengelbasis, later valt een volledige bladsteel om. Uiteindelijk zal de volledige plant afsterven.